In Congo is de eerste stap in het huwelijksproces de “mariage coutumier”, het “gewoontehuwelijk”. Dat is een eeuwenoud en nog steeds populair gebruik in landen ten Zuiden van de Sahara. Een mariage coutumier is een ontmoeting van de families van bruid en bruidegom. De familie van de toekomstige bruidegom vraagt de hand aan de familie van de bruid en overhandigt daarvoor een bruidschat. Hoewel er misbruiken zijn (mensen die er een commerciële transactie van maken en hoge bedragen vragen), gaat het doorgaans om een symbolisch moment waarop de families elkaar beter leren kennen. Wij in België kennen zo’n moment niet. Meestal komen we met ons lief thuis: “voilà, ma of pa, mijn nieuw lief”. Laat staan dat ons ma en pa en een bruidschat gaan betalen. En de band tussen de schoonfamilies is bij ons doorgaans nogal los.

 

De familie van Mira ziet het ritueel ook als een ontmoeting van de twee families. De bruidschat is eerder symbolisch. Een paar weken voor de trouw ontvang ik “de factuur”: twee geiten, een machette, een zak zout, een kookpot, een kostuum, een pagne, 20 liter Congolees bier en 20 liter Congolese wijn, en een enveloppe van een paar honderden dollars. Als de bruid er op eigen initiatief van door gaat, krijg ik dat allemaal terug. Een week voor de mariage coutumier zit ik in de auto met de gigantische kookpot op mijn schoot, waardoor het voor de Congolezen duidelijk is dat ik ga trouwen. “Beauf, beauf” (beau frère, schoonzoon), hoor ik ettelijke malen. Duimen gaan omhoog, tanden worden bloot gelachen. Ik ben nu één van hen.

2015-06-20 11.22.52

Met één van mijn geiten

IMG_0153

Jean en Mira onderhandelen over mijn kookpot

De avond zelf hotsen we met onze karavaan over niet-geasfalteerde en met diepe putten bezaaide wegen van Kinshasa. Ik met mijn ma en onze betrouwbare chauffeur Jean in de eerste jeep. Achter mij waggelt de jeep met mijn wijze zegsman Robert, gevolgd door een aftands wrak van een bus met mijn bruidsschat waaronder de twee geiten. Robert is een Congolese collega van mij die mijn familie vertegenwoordigt. Hij brengt twee vrienden mee die van dezelfde stam zijn als die van Mira. Een voordeel, want zijn kennen heel goed de gebruiken van de stam. Mijn rol is makkelijk: zwijgen. Mijn familie praat voor mij. Naar goede Congolese gewoonte zijn we een paar uur te laat, en vlak voor we arriveren valt de elektriciteit uit. Na een uurtje is dat gefikst en stap ik uit. Een paar tientallen joelende vrouwen staan in het deurgat en komen op me af. Ze gooien kleurrijke pagnes aan mijn voeten, ten teken dat ik welkom ben. Vrouwen dansen, roepen in het Lingala, ik begrijp niks maar ben onder de indruk.

 

Binnen verwelkomt de oudste broer van Mira ons, met aan zijn zijde de grootmoeder en de oudste zus. De broer valt met de deur in huis en vraagt met uitgestreken gezicht wat we in zijn huis komen doen. Robert legt eerst een bedankingsverklaring af en stelt dat hij voor mij de hand komt vragen van de dochter des huizes. Prompt paraderen een aantal schoonheden uit de familie aan mij voorbij. Daar ben ik al op voorbereid. Ik weiger ze één voor één, volgens de coutume. Mira is een ander paar mouwen, die woont zogezegd nog in de geboortestreek van de familie, Kasaï-Oriental. “We moeten haar met het vliegtuig gaan halen”. Dus een vliegticket is aangewezen, 1000 dollar. Of ik dat even op tafel kan leggen? Een bilateraal gesprek tussen Robert en de familie drukt de prijs naar 100 dollar. Ik geef uiteindelijk 25 dollar, het is een spel. Een tante van Mira steekt de 25 dollar in de lucht. Joelende vrouwen gaan op zoek naar de bruid in “Kasaï” en komen een minuut later met haar het huis binnen. We staan beiden licht gestresseerd te kijken. We overlopen nu de factuur. Even slaat mijn hart over wanneer de das wat te diep in een mouw zit en niet direct teruggevonden wordt. Als er iets ontbreekt op de factuur, kunnen de onderhandelingen namelijk van vooraf aan beginnen. Maar mijn aankopen zijn compleet. Mira geeft mij te drinken, ik geef haar te drinken. Een omhelzing, een kus, de zegen van broer, applaus, gejoel, en klaar is kees. We eten. Tantes, nichten en zussen hebben een buffet bij elkaar gekookt voor de families: makemba (bakbananen), pundu (maniok), complete vis, kip, fufu (maisbrij) en jawel, frieten. We zeggen iedereen gedag. Daarna rijden we de donkere nacht in. De dag erna wordt een zware dag.

DSC_4602

Grootmoeder van de familie rechts

Oudste broer als voorzitter van de vergadering geflankeerd door grootmoeder

Oudste broer als voorzitter van de vergadering geflankeerd door grootmoeder

IMG_0248

Congolees buffet!

IMG_0197

Mijn bruid en huidige vrouw Mira

DSC_4644

Overhandiging van de wijn als deel van de bruidschat

IMG_0178

Onderhandeling over het “vliegtuigticket”

IMG_0224 (2)